Kou en strijd in een barre winter 7-03-05
Voedseldroppings boven Duindigt in april 1945 (foto: ANP)
Voor ruim 20.000 Nederlanders kwam de bevrijding te laat; zij overleden aan de gevolgen van de honger en kou in de winter van 1944/1945. Hoe kon dat gebeuren? Een aantal veelvoorkomende vragen over de hongerwinter en de antwoorden daarop.


Wat is de hongerwinter?
Waarom was er onvoldoende voedsel?
Waarom werd alleen West-Nederland getroffen door de honger?
Hoe kwamen de mensen alsnog aan voedsel?
Hoe zit het met het Zweedse wittebrood?
Waarom grepen de geallieerden niet in?
Hoe werd West-Nederland uiteindelijk van voedsel voorzien?

Wat is de hongerwinter?
Met de hongerwinter wordt bedoeld de periode tussen oktober 1944 en april 1945, toen er in het bezette westen van Nederland onvoldoende voedsel was. Ruim 20.000 mensen sterven in die rampzalige winter door ondervoeding en kou. 

In oktober 1944 leefden de mensen in de grote steden van West-Nederland al op een hongerrantsoen: 1 brood en 1 kilogram aardappelen per persoon per week. Veel is dat niet, maar het vergt toch een aanvoer van 25.000 ton graan per maand. 

Van begin november í44 tot begin december wordt er echter maar 9.000 ton vervoerd. Zo kondigt zich de catastrofe aan.

Waarom was er onvoldoende voedsel?
Ruwweg zijn daarvoor vier redenen: 
* De algemene spoorwegstaking op bevel van regering in Londen. De regering in ballingsschap wilde daarmee voorkomen dat de Duitsers versterkingen naar West-Nederland zouden sturen; 
* In reactie op de spoorwegstaking verboden de Duitsers vervoer voedsel en brandstof via de binnenvaart; 
* Door de strenge winter bevroren de rivieren en kanalen, waardoor transport over het water ook na het opheffen van het verbod vrijwel onmogelijk was;
* Ook al zouden de treinen rijden en de schepen varen, Nederland was verscheurd door oorlogsgeweld. De kans op geallieerde bombardementen was groot en een aantal rivieren, zoals de Waal bij Nijmegen, maakten deel uit van de frontlinie.

Waarom werd alleen West-Nederland getroffen door de honger?
In het bezette noorden en oosten van Nederland waren veel boerderijen en die hadden volop voedsel. Zuid-Nederland was al bevrijd en kende ook geen voedseltekorten. Bovendien waren de mensen in die gebieden veel meer zelfvoorzienend. 

Ze wisten bijvoorbeeld hoe ze voedsel lang konden bewaren, onder meer door het te wecken, en hoe ze brood konden bakken. En niet onbelangrijk: er woonden veel minder mensen dan in het verstedelijkte westen.

Hoe kwamen de mensen alsnog aan voedsel?
Voor de honderdduizenden inwoners van de grote steden in het westen van Nederland waren er een paar nauwelijks toereikende mogelijkheden om aan voedsel te komen: 
* De NSB-regering probeerde het weinige voedsel eerlijk te verdelen door gaarkeukens in te stellen;
* Op het platteland was wel voedsel beschikbaar en lange rijen mensen gingen te voet of met handkarren naar boerderijen om voedsel te halen. Deze tochten, zeer gevaarlijk vanwege kou en oorlog, staan bekend als de hongertochten;
* De inwoners van West-Nederland vulden hun karige dieet aan met rozebottels, tulpenbollen, suikerbieten en zelfs honden en katten. 

Hoe zit het met het Zweedse wittebrood?
Veel mensen herinneren zich dat Zweeds wittebrood werd gedropt door de geallieerden. Dat is echter nooit gebeurd. 

Wel waren aan het begin van 1945 enkele schepen van het Rode Kruis uit het neutrale Zweden de haven van Delfzijl binnengevaren met aan boord graan. Daarvan bakten de Nederlandse bakkers het wittebrood dat samen met de Zweedse margarine vanaf 27 februari 1945 werd uitgedeeld.

Waarom grepen de geallieerden niet in?

De Nederlandse regering hoopte dat de geallieerden via Brabant en Zeeland snel naar West-Nederland zou doorstoten. Dat was al eens geprobeerd tijdens de operatie Market Garden in september 1944 waarbij Zuid-Nederland werd bevrijd. Toen kwamen de geallieerden tot Arnhem en niet tot de toenmalige Zuiderzee, zoals wel was bedoeld. 

Daarna richtte het Amerikaanse en Britse opperbevel van de geallieerden zich op het zo snel mogelijk innemen van Duitsland. Het bevrijden van West-Nederland werd te gevaarlijk geacht: 
* De Duitsers konden makkelijk grote stukken land onder water zetten;
* De verzetsgroepen waren te zwak om de geallieerden efficiŽnt te assisteren;
* Het gebied was met vier miljoen inwoners druk bevolkt waardoor de strijd veel slachtoffers zou eisen. Toen de Nederlandse regering in Londen begreep dat de bevrijding van West-Nederland nog wel enige maanden op zich kon laten wachten, werd gezocht naar een mogelijkheid om de Nederlanders van voedsel te voorzien. 

Terwijl in Londen werd nagedacht over het inzetten van het Rode Kruis en in het bevrijde Zuiden voedseldepots werden aangelegd, stelde de NSB-regering van Seyss-Inquart de geallieerden voor om een soort onofficiŽle wapenstilstand in te stellen, zodat naar mogelijkheden kon worden gezocht om voedsel aan te voeren.


Hoe werd West-Nederland uiteindelijk van voedsel voorzien?
Na enige aarzelingen maakten de geallieerden via Radio Oranje bekend dat er voedsel zou worden afgeworpen. Daarmee ging Seyss-Inquart akkoord mits de droppings zouden plaatsvinden op vooraf afgesproken tijdstippen en op vier lokaties. 

Het voedsel werd op 29 april afgeworpen onder de naam 'operatie manna', genoemd naar passage uit de bijbel: "Manna is het voedsel dat God dagelijks uit de hemel neer deed dalen, om de IsraŽlieten tijdens de veertigjarige doortocht door de woestijn van voedsel te voorzien": Ex. 16:15. 

In ruim een week tijd voerden Britse en Amerikaanse vliegtuigen 5500 voedseldroppingen uit. Lancaster-bommenwerpers en B17's dropten geen bommen maar miljoenen kilos voedsel: van biscuits, meel en margarine tot eipoeder en cornbeaf. Personeel van het Rijksbureau Voedselvoorziening in Oorlogstijd zamelde de gedropte hulpgoederen in en verzorgde de distributie onder de bevolking. 

Enkele dagen later, op 2 mei, lieten de Duitsers vrachtwagens uit het bevrijde Zuiden door. Op de dag dat de capitulatie door de Duitsers in Wageningen werd ondertekend, voeren onder begeleiding van een Duitse torpedobootjager geallieerde schepen vol graan de haven van Rotterdam binnen. 

De winter was toen al voorbij.
Links
Website van het Verzetsmuseum
Webles over de hongerwinter van het Museum van de Twintigste Eeuw
Foto's en informatie van operatie Manna