Naar inhoud
Naar zoekfunctie
Naar menu
Naar subnavigatie
 
 

Amsterdamse wijken

27 april 2007
 - 
Humphrey Agyekum

Net als tal van andere grote Europese steden, zoals Londen, Parijs, Brussel en Berlijn, staat Amsterdam bekend om een aantal authentieke arbeiderswijken met een rijke historie. Hoe zijn deze wijken ontstaan?

De Jordaan

De Jordaan werd in de 17e eeuw aangelegd als volkswijk voor arbeiders en emigranten. Tot de verpaupering in de 19e eeuw toesloeg, vervulde de wijk deze functie redelijk. De oorspronkelijke naam van de wijk was het Nieuwe Werck. Het stratenpatroon was gebaseerd op oude sloten en paden, waardoor de indeling volledig afweek van de rest van de oude binnenstad van Amsterdam. De straten en grachten sluiten niet aan op de gelijktijdig aangelegde grachtengordel. Een van de beroemdste bewoners van de Jordaan is overigens schilder Rembrandt van Rijn.

Een indruk van de JordaanIn de 19e eeuw verslechterden de levensomstandigheden in de Jordaan drastisch. De wijk bestond in die periode uit halve woningen, sloppen, stegen en enkele sloten die voor transport en tegelijkertijd als riool werden gebruikt. Inwoners met een redelijk inkomen werden aangemoedigd om te verhuizen. Na de Tweede Wereldoorlog ontwikkelde de gemeente Amsterdam een aantal plannen om de Jordaan te saneren. Het was de bedoeling om de vervallen wijk grotendeels te slopen en te vervangen door grote nieuwbouwblokken. Deze ideeën riepen grootschalige protesten op. Uiteindelijk hadden deze protesten succes. Er werd gekozen voor kleinschalige nieuwbouwprojecten om de wijk in de jaren 70 van de vorige eeuw te herstellen. Hierdoor kon het oorspronkelijke karakter behouden blijven.

Tegelijkertijd werd de Jordaan ontdekt door een nieuwe generatie bewoners die onder meer bestond uit artiesten, studenten en jonge ondernemers. Oude bewoners vertrokken daarentegen naar andere wijken en steden. Mede door de komst van de nieuwe bewoners is de Jordaan veranderd van een volkswijk in een wijk met veel hoog opgeleide inwoners en zijn er vele boetiekjes, terrassen, restaurants en eetcafés.

Meer informatie:

De Staatsliedenbuurt

In het verleden stond de Amsterdamse Staatsliedenbuurt bekend als de Koperen Knopenbuurt. Deze naam komt voort uit het grote aantal geüniformeerde types, tramconducteurs, agenten, brandweerlieden, dat in de wijk woonde. De wijk was oorspronkelijk onderdeel van het beroemde uitbreidingsplan voor Amsterdam van ingenieur Kalff uit 1876 en werd tot de Tweede Wereldoorlog voornamelijk bewoond door arbeiders. Eerst waren dit de lagere ambtenaren, de politie-agenten, brandweermannen en anderen met koperen knopen op hun uniform. Toen die begin jaren 30 van de vorige eeuw massaal vertrokken naar nieuwe wijken, zoals de Baarsjes, werden hun plaatsen ingenomen door fabrieksarbeiders.

De StaatsliedenbuurtEind jaren 40 van de vorige eeuw begon het verval van de Staatsliedenbuurt. Het aantal gezinnen in de wijk nam af en de meeste huizen die toen al vijftig jaar oud waren , voldeden niet langer. In 1950 had nog maar 13% van de huizen een eigen wasgelegenheid en 70% van de woningen had een oppervlakte van minder dan 40 vierkante meter. Pas jaren later kwamen er grote veranderingen. In de jaren 70 van de vorige eeuw waren er plannen om een groot deel van de Staatsliedenbuurt te slopen en opnieuw op te bouwen. Dit leidde tot protesten bij de bewoners en na een lange strijd is een grootscheepse sloop van de buurt voorkomen.

Uiteindelijk is de Staatsliedenbuurt echter wel veranderd. Veel kleine woningen zijn samengevoegd tot grotere en logischerwijs duurdere woningen. Hierdoor is het aantal bewoners met een relatief laag inkomen afgenomen. Daarnaast zijn er nog relatief weinig kleine winkeliers in de buurt overgebleven. Het karakter van de authentieke volksbuurt is niet bewaard gebleven.

Meer informatie:

De Jodenbuurt

Sinds de 17e eeuw hebben er veel Joden in Amsterdam geleefd en tot op de dag van vandaag is dat merkbaar. Zo zijn er vele Joodse woorden die nog steeds worden gebruikt. Het gebied rond de Jodenbreestraat, het Waterlooplein en de Wibautstraat vormt het hart van de vroegere Jodenbuurt. Na de stadsuitbreiding van 1593 kwamen Joden in deze buurt wonen. Eerst kwamen de verdreven Joodse mensen uit Spanje en Portugal, omdat ze in Amsterdam hun geloof in relatieve rust konden belijden. Na 1635 volgden de geloofsgenoten uit Oost-Europa.

de Mozes en Aäronkerk in 1878Tot 1796 mochten Joden alleen beroepen uitoefenen die niet in gildeverband werd bedreven. Hierdoor richtten zij zich op allerlei vormen van kleinhandel en ook geldhandel. Daarnaast introduceerden zij een aantal nieuwe activiteiten, zoals diamantbewerking en boekdrukkunst. Na 1796 waren alle beroepen voor Joodse mensen toegankelijk. Vervolgens vond ook in Amsterdam de industrialisatie plaats, waardoor veel arbeiders naar Amsterdam trokken. Dit gold ook voor Joodse arbeiders. Zij konden niet allen in het gebied rond het Waterlooplein wonen en kwamen ook in nieuw gebouwde arbeiderswijken terecht. De wat rijkere Joden vertrokken naar grachtenpanden aan de Nieuwe Herengracht en de Nieuwe Keiziersgracht.

De Tweede Wereldoorlog had grote gevolgen voor de Joodse gemeenschap. Er kwamen tijdens de oorlog steeds meer maatregelen die ervoor zorgden dat Joodse mensen geïsoleerd raakten en immobiel werden. Vanaf 1942 werden zij gedeporteerd naar vernietigingskampen. Na de Tweede Wereldoorlog waren er van de oorspronkelijke Joodse gemeenschap van 80.000 mensen nog maar 5.000 mensen over. De Jodenbuurt bestond nog steeds, maar de inwoners waren vermoord en de huizen leeggeroofd en vervallen.


De Bloemenbuurt

De Bloemenbuurt is een wijk uit eind jaren 20 van de vorige eeuw en heeft een dorps karakter. Een gedeelte van de Bloemenbuurt wordt in de volksmond ook wel Floradorp of de Rimboe genoemd. De bouw van deze wijk komt voort uit de wens van de Nederlandse regering om toenmalige krotbewonenden te herplaatsen. De regering was bereid om hiervoor geld uit te trekken.

De Wingerdweg in de BloemenbuurtIn Amsterdam werden in het eerste kwart van de 20e eeuw op grote schaal woningen onbewoonbaar verklaard en plannen gemaakt voor vervangende volkswoningbouw. Van belang was dat de nieuwe woonwijken rijkelijk waren voorzien van bomen en planten en dat ze ruim waren opgezet. Een nieuwe buurt moest niet alleen goede woningen bieden, maar ook de basis vormen voor een goede gezondheid. Vandaar dat de Bloemenbuurt grenst aan het langgerekte Florapark.

De renovatie in de jaren 90 van de vorige eeuw heeft het uiterlijk van de wijk een frisse uitstraling gegeven. Toch proberen de bewoners de sfeer uit het verleden vast te houden. De traditionele kerstboomverbranding die ieder jaar plaatsvindt, is hier een voorbeeld van.

Zoeken
ZoekZoek