bijensterfte

Help de bij, doneer hier!

Neonicotinoiden zijn gevaarlijk voor bijen en andere bestuivers. Deze giffen zijn fudamenteel anders dan hun voorgangers. Het zijn gifstoffen die door de plant opgenomen worden en waardoor de hele plant giftig wordt voor zowel nuttige insecten als plagen. Het gif komt onbedoeld ook in het stuifmeel en de nectar terecht en in het vocht dat de plant uitzweet. Via onder meer deze drie wegen komt het de bijenkast binnen.

Het gif heeft een aantal belangrijke effecten. In de eerste plaats kan het de bij op slag doden, als de bij ineens een dodelijke dosis gif binnenkrijgt. Dat gebeurt niet zo vaak. Vaak worden de bijen blootgesteld aan kleine restanten gif. Hoewel dit volgens de (sterk verouderde) toelatingstests geen gevaar zou opleveren, zijn in de praktijk de gevolgen daarvan voor de bijenvolken enorm.

Neonicotinoiden zijn zenuwgiffen. Ze tasten het zenuwstelsel aan van de insecten die het binnen krijgen. Voor bijen heeft dat een paar grote gevolgen.
Ten eerste verkort het de levensduur van de bij: Iedere keer dat de bij in contact komt met een neonicotinoide, leeft ze bijvoorbeeld een dag minder. In de zomer is dat niet zo'n groot probleem want zomerbijen leven maar een paar weken, en ze sterven aan de slijtage van hun vleugels, nog voordat ze kunnen sterven van het gif. Maar in de winter leven de bijen wel vijf maanden en worden er geen nieuwe bijen geboren. De bijen die in het najaar geboren worden moeten het dus de hele winter volhouden. Sterven er te veel bijen, dan verzwakt het hele volk en kan het volk bijvoorbeeld niet voldoende warmte produceren en sterft het hele volk. Dit noemen we wintersterfte. Er zijn sterke aanwijzingen dat blootstelling aan neonicotinoiden de bijenvolken ernstig verzwakt en daarmee de wintersterfte verhoogt.

Ten tweede beinvloedt het hun navigatievermogen, waardoor ze minder makkelijk de bijenkast terugvinden. Een bij vliegt soms wel 150 kilometer op een dag, dus navigatievermogen is cruciaal.

Ten derde beinvloeden deze middelen het communicatievermogen, waardoor ze minder goed samenwerken. Omdat een bijenvolk functioneert als een organisme, is onderlinge communicatie van levensbelang. Aangetoond is dat de bijendans al door minieme hoeveelheden van deze zenuwgiffen verstoord raakt. Met de bijendans leggen verkenner-bijen aan de andere bijen uit welke kant ze op moeten vliegen om rijkbloeiende velden aan te treffen.

Ten vierde gaan bijen trillen van het zenuwgif (precies zoals mensen met een nicotinevergiftiging) en daardoor lukt het niet goed meer om zichzelf en de andere bijen en het nest goed schoon te houden: een bij met trillende pootjes kan zichzelf en anderen niet zo goed wassen. Daardoor blijven meer ziektverwekkers en schimmelsporen en vuil op het lijf en in het nest achter waardoor uiteindelijk het volk verzwakt.

Tenslotte kunnen ze door alle bijwerkingen van het zenuwgif minder succesvol optreden tegen de parasieten die het volk belagen zoals de varroa destructor mijt. Die parasieten tasten vervolgens weer het immuunsysteem van de bij aan, waardoor virussen een grotere kans krijgen.

Een hele ketting van problemen dus, die elkaar versterken en samen leiden tot een grote afname van het aantal bijenvolken.

In Nederland worden niet zomaar alle bestrijdingsmiddelen die door de argrochemische industrie worden uitgevonden ook toegelaten tot de markt. Er is een instantie die toetst of nieuwe middelen een gevaar vormen voor het milieu. Deze instantie heet het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (CTGB).

Bij de toelating van nieuwe middelen baseert het CTGB zich op onderzoeken die worden uitgevoerd door de fabrikant van het middel. Die fabrikant huurt daarvoor een onderzoeksinstituut in dat precies onderzoekt wat de fabrikant vraagt. Daar is ook weer een aantal valkuilen. De onderzoekers zijn afhankelijk van de betaling van de fabrikant, en dan is het niet altijd even makkelijk om met resultaten te komen die de opdrachtgever niet bevallen. Verder bepaalt de fabrikant wat er onderzocht wordt, en wat vooral niet. Het onderzoek is dus vaak onvolledig. Ook bepaalt de fabrikant wat er van de resultaten openbaar gemaakt wordt. Het CTGB krijgt dus niet alles te zien. En wij al helemaal niet. Dat is een slechte zaak, want de besluiten van het CTGB hebben grote gevolgen voor de biodiversiteit, onze voedselvooorziening en ons voortbestaan.

Recent heeft de Europese Voedselveiligheidsauthoriteit (EFSA) onderzocht wat de gevolgen zijn van de drie giftigste neonicotinoiden op bestuivende insecten. Daar werd bevestigd wat wetenschappers al een paar jaar zeggen: de middelen zijn desastreus voor bijen. De Europese Unie gaat actie ondernemen tegen het gebruik van deze drie middelen op een aantal gewassen.

De fabrikanten van deze middelen zagen de bui al hangen en hebben net voordat het rapport van EFSA openbaar werd gezorgd dat een andere neonicotinoide, Thiacloprid, van het CTGB een sterk verruimde toelating kreeg voor gebruik in Nederland. Het mag nu ook gebruikt worden op ongeveer honderd gewassen en zelfs in particuliere tuinen! En het gaat hier dus om een ontzettend gevaarlijke stof, die iedereen nu in zijn tuin mag gebruiken. Oppervlakkig gezien lijkt het een minder giftig neonicotine omdat je er veel meer van nodig hebt om een bij in 1x te vergiftigen, maar juist daar zit de adder onder het gras bij deze stof (thiacloprid). De desastreuze effecten als bijen langdurig in aanraking komen met steeds een klein restje van dit gif zijn echter precies even ernstig als bij de andere neonicotinoiden, terwijl er door de boeren en tuinders veel meer van gebruikt mag worden omdat de directe dodelijke werking op een bij minder is. Daardoor komt er veel meer van dit gif in het stuifmeel en de nectar dan bij de andere neonicotinoiden. Bij grootschalig gebruik kunnen de effecten op de bij daarom zelfs veel erger zijn dan van de drie giftigste neonicotinoiden, zo waarschuwen wetenschappers. De ongekend ruime uitbreiding van de toelating van thiacloprid is daarom een grote bedreiging voor de bijen.

Om dit te voorkomen heeft de bijenstichting een bezwaarschrift ingediend. Het proces gaat waarschijnlijk lang en duur worden, dus we kunnen ieders hulp gebruiken bij het financieren van de proceskosten. Daarbij hebben we jou nodig. Steun dit project op www.4just1.com/project/340.